Herman versus Haemin

Ik moet rennen, springen, vliegen, duiken, vallen, opstaan en weer doorgaan… Al in de 70’ er jaren zong Herman van Veen over mijn mindset anno nu. Hij had een vooruitziende blik, want regelmatig jakker ik door het leven als op het tempo van het liedje. Te midden van al die hectiek voel ik soms sterk de behoefte om even op adem te komen. Niks rennen, springen en vliegen, maar een korte pauze om de dag daarna weer ontspannen het hoofd te bieden. Mijn wekelijkse yogales helpt daarbij, zeker, maar ook – ik maak geen grap – een rit in de trein.  En om precies te zijn in de stiltecoupé.  Een van mijn favoriete plekken om te onthaasten.

Vandaag heb ik een werkafspraak in onze hoofdstad en omdat ik geen zin heb in haastige spoed en filestress, stal ik mijn fiets bij het station van Nijmegen en wandel naar het perron. Dat nog meer mensen op het idee zijn gekomen deert me niet. Ik worstel me door de meute heen de trein in en bemachtig een plekje bij het raam. Uit mijn tas pak ik een boek. Mijn mobiele telefoon duw ik wat verder naar beneden. De komende 1,5 uur ben ik niet bereikbaar. Een heerlijke zee van tijd om ongestoord te kunnen lezen.

In 9 van de 10 keer is dat een zogenaamd zelfhulpboek (al noem ik het persoonlijk liever spirituele literatuur). Ik besteed mijn schaarse leestijd niet aan een luchtige chicklit of voorspelbare thriller, nee, ik wil groeien als mens. Vandaag tussen Nijmegen en Amsterdam Centraal.
Geluk in 8 koppen thee, de edele kunst van not giving a f*k, of alles uit de pen van Hans Peter Roel, noem het en ik verslind het. De Koreaanse zenboeddhist Haemin Sunim ligt deze keer op mijn schoot. Dingen die je alleen ziet als je er de tijd voor neemtrust vinden in een drukke wereld – staat er veelbelovend op de zen vormgegeven cover. Ik ontspan van het idee alleen al en de kadans van de trein brengt me verder in mijn eigen onthaastbubbel.

Ergens tussen Ede-Wageningen en Veenendaal – De Klomp mindert de trein vaart en komt tot stilstand. Links en rechts weilanden, een paar boerderijen in de verte, maar geen station te zien. We moeten vast even wachten op een vertraagde trein. Ik laat me er niet door afleiden en lees rustig verder.  Een flink aantal bladzijden later kijk ik op. Verhip, we staan nog steeds stil. Om me heen zie ik medereizigers onrustig op hun zitplaats schuiven. Er wordt hier en daar geërgerd gezucht. Ook ik voel wat lichte irritatie opkomen. Dit moet niet lang duren, straks kom ik te laat op mijn afspraak. Wat vervelend. Had ik nou toch maar die trein eerder genomen. Zal ik vast bellen? Of nog even wachten, misschien rijden we zo wel verder. Onrust nestelt zich in mijn gedachten.

Dan klinkt ineens een stem. ‘Goedemorgen… Zoals u gemerkt heeft… spoorwegovergang… ….duren…onze excuses….’ Veel meer komt er niet uit de speaker. Verdorie, kon de NS niet investeren in een fatsoenlijke geluidsinstallatie? Dit retourtje Amsterdam kost mij anders een flinke duit. En waar is de conducteur eigenlijk? De tips van mijn monnik verdwijnen als sneeuw voor de zon. Inmiddels is de stemming in de stiltecoupé ook niet meer zo sereen. Er wordt druk gebeld, afspraken worden afgezegd en verzet. Ik graai m’n telefoon uit mijn tas en breng mijn afspraak op de hoogte van de vertraging. Als dit nog langer duurt kan ik beter de boel afblazen. Geërgerd sla ik mijn boek dicht en ben daarmee in één klap mijlenver verwijderd van Haemin en zijn mindfullnessmethode.

Met een dik uur vertraging rijdt de trein uiteindelijk Utrecht Centraal binnen. Ik besluit huiswaarts te keren, want die afspraak kan ik inmiddels op mijn buik schrijven. Op het perron is het een drukte van jewelste. Een krioelende massa van studenten en forenzen. Opzij, opzij, opzij.. Met het nodige ellebogenwerk lukt het me om net voor het fluitsignaal in de trein naar Nijmegen te springen.
1-0 in het voordeel van Herman. Op naar de volgende ronde.

Instagram
Twitter
Facebook

Gerelateerde berichten

Type je zoekwoorden hierboven en druk op Enter om te zoeken. Druk ESC om te annuleren.

Terug naar boven